Een nieuwe winter, een nieuw project. De afgelopen jaren zijn achtereenvolgens een pittige 347 stroker, een versterkte 4R70W versnellingsbak, high-performance schijfremmen rondom, en verbeterde voorwielophanging gemonteerd in de fastback.
Aangezien de focus steeds meer op performance driving komt te liggen, is deze winter de achterwielophanging aan de beurt. Deze was al gedeeltelijk aangepakt met Eaton 'Improved Handling' bladveren en zelf gebouwde traction masters. Nu is een starre achteras met bladveren een vrij antiek ontwerp wat niet bepaald uitblinkt in strak bochtengedrag. Daarom misschien wel passend dat een uitvinding uit 1784 van James Watt als upgrade gaat dienen.
De Watts-link zorgt ervoor dat de achteras niet meer zijdelings kan bewegen. Iets wat bij stevig bochtenwerk voor vaag en onvoorspelbaar stuurgedrag zorgt. Voor de klassieke Mustang zijn een aantal pasklare oplossing te koop. De meest bekende en betaalbare is de Watts-link van Fays:
Omdat er bij bestaande producten weinig ruimte overblijft voor de uitlaten, ben ik zelf maar aan het brainstormen gegaan. Na wat puzzelwerk heb ik een constructie bedacht waarbij ik mijn bestaande 2,5” Magnaflow uitlaten ongemoeid kan laten.
Bij mijn ontwerp is het frame waarop de tuimelaar draait in tweeën gedeeld. De kokers die bij Fays dwars onder de achterste subframes bevestigd zitten, vinden bij mij een plekje in de kofferbak. Een kleinere frame met tuimelaar wordt met 4 M12 bouten door de bodemplaat aan de dwarskoker gebout.
Eerste werk is het maken van kartonnen malletjes waarmee de uiteindelijke dwarsbalk in de kofferbak afgesteund gaat worden.
Dezelfde verstevigingen komen ook aan de onderzijde van de auto, waarmee de dunne bodemplaat met M8 bouten gesandwiched wordt.
De dwarsbalk is van stevige 50x30x3 koker, en wordt voorzien van 4 M12 draadbussen en 4 strips voor betere afsteuning van het subframe. .



Alhoewel ik één en ander graag uitdenk, is de uitvoerende kracht voor wat betreft fabricatie vaak m'n vader met de welkome gouden handjes
Het subframe wordt onder de auto gebout en zal de tuimelaar huisvesten. De tuimelaar is verstelbaar door middel van een sleufgat. Hierdoor is het rollcenter aan te passen voor fijnafstelling van het rijgedrag.
De tuimelaar wordt bevestigd met een stevige M20 bout in een aluminium schuifblok.
Vanwege de kleine slag die de tuimelaar zal maken is deze niet kogelgelagerd, maar voorzien van een bronzen bus met smeernippel.
De uiteinden van de trekstangen worden afgesteund op de achteras zelf. Hiervoor worden twee asklemmen gemaakt voorzien van een buis met M12 schroefdraad. De klemmen zelf zijn van doorgezaagde en op maat uitgedraaide dikwandige buis. Met de nodige verstevigingen om alle zijdelingse krachten straks op te kunnen vangen.


De trekstangen zijn voorzien van heavy duty gesmeede chromolybdeen stangkoppen. Om de lengte te kunnen bepalen maak ik eerst een proefmodelletje met PVC-buis. De uitendelijke stangen worden van aluminium, voorzien van M16 schroefdraad.
Om het geheel tegen de elementen te beschermen worden de onderdelen voorzien van een dikke poedercoat. De stangkoppen worden nog voorzien van dikke o-ringen om ze af te sluiten voor zand en ander vuil.


De Watts-link zit inmiddels gemonteerd. Enige wat nog rest is het monteren en afstellen van de trekstangen.


Maar na een bijna uitglijer op een gladde parkeerplaats, en iets teveel knutselen op een koude betonvloer, is m'n rug eerst aan een onderhoudsbeurt van de fysio toe.